Friday, 7 December 2007

Some questions and answers about the ComPart Flowers

>Some time ago I posted an introduction about the ComPart flowers on the I-collaborate blog (which by the way is a very interesting blog). Two people gave some interesting comments and asked some questions. I am posting my reactions on this blog, because I assume they are of interest for you as reader of this blog.

Joitske Hulsebosch experienced some problems with bandwidth in Southern countries, especially with Delicious and wiki. The way we try to tackle the bandwidth problem is to keep the wiki’s as “light” as possible avoiding (large) pictures for example. For delicious of course it remains a problem when the set of tags gets (too) large. Therefore we try to be efficient with the tags and seek specificity using “cleaver” combinations of tags. But of course even then for some partners in the South the bandwidth problem remains. That is why we will be transferring the most important information which can be found on the wiki’s and blog’s by way of memory sticks. The idea is that when a colleague visits a partner organisation the information on the sticks will be downloaded on the computer of this partner, who in that way also can stay updated, unfortunately a little later though.

An anonymous person asked a couple of questions, a first one about the handling of the scattered information among the “numerous” online services. Indeed this is a challenge. For all services which will be used by normal users as wiki, blog, delicious and google we use one shared password and where necessary one shared username. So if you know the username and the password you can access and contribute to these services. Of course this password, at a certain moment, will get “too known” outside the circle of intended users. As soon as we get such indications we will change the password and inform all who have to know, and if we forget someone they will have to ask ;-)

For the administration of these services we use other passwords only known to the admins. The same applies for services which will not be used by normal users as Conduit and feedburner.

A second question was about how we handle sensitive information. That is indeed a “sensitive” issue which leads to many discussions. What information is sensitive and why? The starting point however is that all information is public unless there are clear reasons to keep it private. A sound principle I guess for our type of organisation, working with public funding. But of course we also use private versions of the tools with passwords only known to those who should have access. Anyhow we try to avoid working with more than two or three different passwords as to have everything as accessible as possible. And in certain cases we just do not let the information get beyond our firewall.

A third question was how participants would decide on the way they would like to get the information and avoid double information. In fact that is all up to every individual user. Anyone can choose whether or not to subscribe to email alerts or feeds, using an I-Google page or not, to have a daily look at the wiki’s or not. And of course the idea is that anyone who gets to information on the web which is of their own – or for that matter their colleagues – interest, is stimulated to tag that information in Delicious, because this tagging is the “motor” which makes the information flowing (in a selective way).

And of course it would be a good idea to follow anonymous’ suggestion to write up some usage-scenarios. However we do not have them yet. Our idea is to construct the whole system by doing and sharing our experiences and in that way learning how to improve or way of using these services.

To end I want to thank Joitske and Anonymous for their interesting contributions. I hope it will stimulate others to react on the postings in this Blog as well.

Monday, 5 November 2007

Presentation of ComPart flowers recorded

Last Thursday, the new system for Communication with Partners, the ComPart-flowers were presented at the ICCO offices. About 25 colleagues have attended this presentation. We assume and hope ;-) that more colleagues are interested in this system but for various reasons could not attend one of the three presentations. And of course it can also be of interest for others. Therefore we have recorded it and you can now see and hear it on-line.

To see the whole presentation of about 30 minutes follow this link. You can also have a look at the part where it is explained why you should cultivate the flowers. And if you are only interested in the slides of the PowerPoint you can find them here.

Please leave any comment or suggestion you may have.


Thursday, 1 November 2007

"Learning Facilitator"?: Wat een grote vriend…

(melodie What a Friend, Charles Converse klik hier om te luisteren)

Wat een grote vriend is ICCO (en kerkinactie)
Zoiets hadden wij nog niet
Een “learning facilitator”
Je gelooft niet wat je ziet

Altijd maar die financiering
Steeds maar weer datzelfde lied
Nu gaan we_eindelijk wat leren
Dank je Sint en zwarte Piet

Spreekt ‘ie Bemba of Swahili
Pakistaans of Portugees?
Kun je’m was’op zestig graden
Is’ie in Afrika geweest?

Maakt hij regen als we’t vragen?
Is’t een mens of is’t een geest
Kan hij zijn boodschappen dragen
Dan is’t alle dagen feest

Wat een grote vriend is ICCO (en kerkinactie)
Hij is ook een makelaar
Alles je wat je maar wilt hebben
Makelt ICCO voor mekaar

Wil je een pinda van Bokito
Of een glimlach van Poetin
Me Madonna op de foto
Zelfs de Paus gelooft erin

Onze grote vriend is ICCO
Kerkinactie is ook oké
Maak’len, linken, lobby, learning
Financieren is passé

We hebben geen geld meer nodig
Co-responsible, zó close
Neem gerust nog voor we sluiten
Een sigaar uit eigen doos.

Henk Gilhuis

Thursday, 25 October 2007

Veranderen = visie ontwikkelen + leren

Een paar weken geleden hebben we binnen Edukans, in het kader van de Lerende Organisatie, onze eigen leerstijl getracht te ontdekken aan de hand van de Kolb leercyclus. Een paar dagen later discussieerden we over de volgende stap in het ontwikkelen van een onderwijsprogramma in Ethiopië. Twee activiteiten die op het eerste gezicht niets met elkaar te maken hebben, maar bij nader inzien elkaar prachtig complementeerden.

De conclusie van de laatstgenoemde discussie was: het zou handig zijn om een stappenplan te hebben voor het ontwikkelen van een programma: hoe kom ik van A naar B. Daarbij is A de situatie waarbij partners en/of hun projecten gefinancierd worden en B de situatie van volledig programmatisch werken waarbij we één of enkele van de 4 rollen van financier, makelaar, capaciteitsopbouwer, etc. spelen. Dit stappenplan is een model, een theoretisch kader, van waaruit we de eerste voorgenomen activiteit gaan plannen en uitvoeren, bv een mapping. Dit levert ons enerzijds een resultaat en anderzijds een evaluatiemoment. De evaluatie levert aanpassingen op in het model en ook aanbevelingen voor de 2e stap, die we daarna gaan plannen. We doorlopen zo een aantal malen de leercyclus en komen zo tot een steeds verfijnder en beter op de praktijk toegesneden stappenplan. Aan het eind weten we precies hoe we het moeten doen – vooral ook handig voor onze collega’s, die wat later gestart zijn met het ontwikkelen van een programma.
Voorwaarde is dat we goed omschrijven hoe de toekomstige, nieuwe situatie B eruit ziet. In andere woorden: ontwikkel een visie over situatie B om op het goede spoor te blijven. En dan is veranderen:
1) visie ontwikkelen én 2) leren.

Dit kunnen we ook in algemene termen stellen voor elke verandering:
Een verandering, elke verandering in de organisatie of in de maatschappij, vraagt om een visie op de toekomstige situatie als ook om een stappenplan om daar te komen. We voeren dit stappenplan uit en evalueren regelmatig, wat verbeterpunten oplevert voor het originele plan. Door dit praktijkleren verwerven we ons tegelijkertijd nieuwe competenties door onze routines aan te passen. Verder ontwikkelen we allerlei nieuwe tools (bv. een checklist programmatisch werken, een agenda voor een stakeholder meeting) en nieuwe inzichten (bv manieren waarop we stakeholders kunnen betrekken bij programma ontwikkeling).

Dit werkt voor de kleine verandering, maar vooral ook voor de grote verandering: programmatisch werken, het ontwikkelen en invoeren van een nieuw management informatie systeem, het opzetten en bij elkaar houden van een alliantie!

Aart van den Broek, Edukans

Friday, 19 October 2007

Wiki site Capacity Assesment & Dev't, ICCO-CAD group advisors

Dear ICCO colleagues,

This is to let you know, that the CAD group wiki site is ready. It contains more general information about the ICCO CAD –group. This is a group of ICCO Capacity Development advisors working in Asia, Eastern Europe, Africa and Latin America It also has references to literature, websites, case studies, toolboxes.

Please have a look at:

We also started a blog. It contains news about some of the discussions which are going on.

* The purpose of this wiki site is to build a kind of library to make information available for ICCA capacity development advisors on the long term.
* It also has the purpose to inform new ICCO advisors to get involved into this network.
* And it is a kind of platform to communicate with other ICCO departments, and other organisations.

If you would like to know what a wiki is, just view the video about wikis:

the example of 4 people who go camping. It explains how wiki collaboration is much easier than a flow of e-mails to and through.
You can find the video one wiki’s here:

Feedback needed
What I like to know from you, is your feedback.

Please let me know what you think about

What do you like?

What do you don’t like?

What would you like to maintain for the long term, so that experiences are embedded within the ICCO organisation and that institutional memory is build?

Where would you like to provide a contribution to this site?

Please mail your feedback to Simon Koolwijk,


Simon Koolwijk
Moderator of the ICCO-Cad group.

If you like to join as ICCO staff member, send an e-mail to

Monday, 8 October 2007

Learning to Fly / Geoff Parcell

Zo ongeveer drie a vier keer per jaar houden de KM-ers in Nederland een borrel. Het gaat dus om de mensen die bij OS organisaties werken en zich met o.a. kennis-management bezig houden. Dat is altijd een plezierige manier om wat ervaringen uit te wisselen en nieuwtjes te vergaren. Afgelopen donderdag werd die borrel bij en door de Van Leer Foundation georganiseerd. Zij hadden nl. Geoff Parcell – een van de auteurs van het “moet-je-gelezen-hebben” boek: Learning to Fly -uitgenodigd om hen te ondersteunen bij het opzetten van de interne Kennis Management en Geoff was bereid om ook met de “borrelgangers” wat ideeën en ervaringen uit te wisselen. Al was het maar erg kort het was wel een heel interessant gesprek. Hier laat ik het even tot een paar uitspraken van Geoff die we bij het opzetten van de leernetwerken en het hele CDP ter harte kunnen nemen:
- KM is a way of thinking and doing.
- KM is all about a flip of attitude.
- The only way to do it is to live and breathe it.
- On KM-issues there is more in common between the private sector and the development sector than one would think [Geoff heeft zijn KM ervaring met name bij de BP opgebouwd, maar is nu ook in de OS-wereld actief]
- Self-assessment is important, also to develop a real common language
- Storytelling is most powerful [i.v.m. meetbaar maken van de effecten van KM/KS]
- It is not enough to stay within your own network, there are people out there who probably know what you want to know”.
- KM is about having everybody responsible for it and NOT leaving it to the “KM-team”
- The book is called “Learning to Fly” because KM is just a question of doing it; now I consider it as my job pushing people “out of the nest” as eagles do with their young.

Voor meer informatie over het boek en de lopende discussies naar aanleiding van het boek verwijs ik naar de site van Learning to Fly

Friday, 28 September 2007

Web2fordev dag 3

Vandaag de laatste dag van de officiële conferentie. Een weer was er in de plenaire vergadering een bijzonder inspirerende presentatie waarin gewezen werd op het belang om vooral naar de “mensen” te kijken en de Web2.0 instrumenten als niet meer dan mogelijke – maar wel uitstekende - middelen te zien. En daarmee werd eigenlijk de toon voor de hele dag en misschien wel van de hele conferentie gezet. De kreet “it’s about people” werd dan ook voorduren geuit.

In dat verband wil ik deze keer iets meer vertellen over de sfeer tijdens de conferentie. De hele sfeer was nogal informeel en dat was bijzonder in de nogal formele FAO omgeving. Alle zalen in dit inmense gebouw ademen de sfeer van formaliteit zoals die binnen de VN-organisaties gewoon is. Dat maakte het geheel bijzonder.

Slotbijeenkomst van de conferentie

In elk geval was voor mij het deelnemen heel inspirerend. Over het algemeen was er sprake van een duidelijk aanwezige gezamenlijke inspiratie, energie en vooral ook overtuiging dat de Web2.0 instrumenten een enorme bijdrage kunnen leveren aan een meer participatief handelen in de Internationale Samenwerking die daarmee veel effectiever kan worden. OK, m.n. in Afrika is het niet makkelijk, bijvoorbeeld vanwege de gebrekkige internetverbindingen. Maar het bleek toch ook dat er ook in dat continent wel degelijk mogelijkheden zijn en dat die mogelijkheden ook al op een inventieve manier gebruik worden en dat dat wel degelijk effect heeft. Maar het blijft ook onomstotelijk vast staan dat het uiteindelijk gaat om de open en dn interactieve manier waarop mensen met die mogelijkheden om (willen) gaan. De technische vaardigheden zijn nodig, maar zijn op zich alleen maar het begin. De manier van werken en denken, en vooral de houding waarmee met de instrumenten omgegaan wordt blijft bepalend. Het betekent dat iedereen zich in zekere zin kwetsbaar op moet willen stellen. Je deelt namelijk niet de producten van je werk maar het proces van werken (en denken). Alleen op die manier kun je de uitkomsten laten beïnvloeden door anderen die je misschien iets te leren hebben. Zo open werken is lastig, althans dat vind ik zelf, maar het kan ook erg veel opleveren; zoveel is duidelijk geworden. In elk geval betekent het dat de nodige veranderingen niet zomaar gerealiseerd kunnen worden. Het zal nog wel een jaar of wat kosten voordat we in ICCO zover zijn dat we werkelijk om zullen kunnen gaan met de instrumenten, één van de elementen waarmee we de “lerende netwerk organisatie” kunnen worden zoals we dat willen. Kortom de ICCO-Flower trainingen zijn belangrijk, maar het is nog maar een eerste kleine stap.

Alles bij elkaar heb ik veel ideeën opgedaan over de manier waarop we binnen de ICCO-Alliantie verder kunnen gaan met het invoeren van deze werkwijze en ook heb ik weer vele contacten opgedaan waarmee ik ervaringen kan delen en op die manier ondersteuning en raad kan krijgen in de komende jaren.

Thursday, 27 September 2007

Web2fordev conferentie dag 2

Vandaag was het weer een interessante en intensieve dag. Elke ochtend zijn er plenaire sessies met presentaties en forum discussies. Vanochtend was er een presentatie die er echt uitsprong. Ik zou me kunnen voorstellen dat de collega’s van DREO die zich met “vermarkting” bezig houden daar bijzonder veel belangstelling voor zouden hebben gehad. Het ging over een systeem waarbij op een snelle manier informatie over de markt(prijzen) bij boeren zelf terecht komt. Dat doen ze door op een hele slimme manier van een combinatie gebruik te maken van het internet, communicatie met mobiele telefoons (SMS) en lokale intermediairs die rechtstreeks met de boeren praten. Al vinden ze het zelf nog te vroeg om iets te zeggen over de impact, toch hebben ze binnen twee jaar ruim 5.000 leden in een groot aantal Afrikaanse landen. Elk van deze leden bereikt waarschijnlijk weer enkele tientallen boeren, dus lijkt het zeker te werken. Er moet namelijk door de boeren betaald worden voor de diensten, Tradenet is een ideeel maar ook commercieel bedrijf. Meer informatie is te vinden op de website van Tradenet.

In de middag heb ik niet echt deelgenomen aan de conferentie zelf. We hadden nl. een bijeenkomst georganiseerd met de leden van Dgroups om iedereen op de hoogte te stellen van de laatste ontwikkelingen. Er zullen nl. wat veranderingen doorgevoerd worden in het beheer en de “hosting” van de Dgroups. Momenteel beheerd IDRC in Canada het geheel, maar doordat het Dgroups gebeuren te groot is geworden (slachtoffer van het eigen succes ;-) kan IDRC dat niet meer blijven doen. Ook is het de bedoeling om de software te veranderen. Ingewikkelde zaken, maar die wel degelijk aandacht vragen als je bedenkt dat er bijna 100.000 gebruikers zijn in ruim 2.000 groepen. Na deze “leden consultatie” hebben we met het bestuur een aantal afspraken gemaakt over hoe deze kwestie verder aan te pakken. Uitgangspunt blijft dat de gebruikers van dit alles zo min mogelijk zullen merken.

Weer even terug naar de conferentie zelf. Voor diegenen die er belangstelling voor hebben zijn er twee interessante “blogs”:

Blogging for development: should we follow the hype?

Blog van Euforic over web2.0 (scroll even door en bij de interviews (voices) zorg dat het “javascript “enabled” is daar wordt in rode lettertjes om gevraagd.

Wednesday, 26 September 2007

Web2forDev - dag 1

De conferentie werd tot groot genoegen van de organisatoren officieel geopend door de Secretaris generaal van de FAO himself, zij het via een video boodschap. In elk geval geeft dat wel aan dat er ook binnen dit soort instanties een verandering aan de gang is. Vorig jaar werd in een FAO-conferentie het gebruik van ICT nog geheel genegeerd an als er nu dus zo openlijk en ook in praktische zin (organisatie van de conferentie) steun gegeven wordt aan WEB2.0 dan wil dat toch wat zeggen.

In de ochtend een aantal presentaties gevolgd, waarvan door mij en vele anderen die van Euforic bijzonder gewaardeerd werd. De andere bleven allemaal nogal abstract en niet erg op de praktijk gericht. Maar wel waren ze interessant omdat er vele asp[ecten van het gebruik van Web2forDev instrumenten aan de orde kwamen, ook de problematische.

In de middag waren er parallelle sessies waarbij ik een aantal presentaties heb gevolgd van boeren organisaties over het gebruik van deze technieken binnen hun organisaties. Dat was interessant. Het bleek echter dat er in de praktijk nog maar weinig écht gedaan wordt. Het bleef een beetje hangen in wensen en dromen. Dat is overe het algemeen een beetje de tendens lijkt het. Enerzijds teleurstellend anderzijds bemoedigend, want het blijkt dat niemand al weet hoe het nou echt moet maar dat er een “drang” is om samen te werken en zo goed mogelijk gebruik te maken van de zonder meer aanwezige potentiele mogelijkheden.

Als laatste heb ik een presentatie bijgewoond over een onderzoek naar het effect van het gebruik van Dgroups. Het blijkt dat Dgroups behoorlijk intensief en goed gebruikt wordt. Mijn veronderstelling dat het voornamelijk in het Noorden werkt klopt toch niet. Gebruikers komen voor ongeveer de helft uit het Zuiden en maar liefst 80% van de gebruikers van Dgroups vindt dat het een “productief gebruik van hun tijd is” wanneer ze met Dgroups werken.

Monday, 24 September 2007

Web2forDev dag “0”

Vandaag de eerste dag van de conferentie. Een soort voorbereidende dag waarin m.n. de technische aspecten van de WEB2.0 applicaties besproken werden. Het was een stortvloed aan informatie en ervaringen die de ongeveer 70 aanwezigen over elkaar heen sproeide. Veel diepgang was er daardoor niet, maar dat was ook niet de bedoeling, het ging er om een beetje te proeven aan de “nieuwe mogelijkheden” die Web2.0 biedt voor de communicatie en het leren rond “ontwikkeling”. En dat laatste is wel degelijk gelukt.

Een wat mij betreft heel bijzondere ervaring kwam uit India. Daar is een organisatie bezig geweest met “audio-blogging”. Bij dit project van o.a. het ministerie van landbouw zijn boeren uit een zevental dorpen aangesloten. Het idee is dat boeren vragen aan elkaar kunnen stellen via opgenomen verhaaltjes die op een blog komen, anderen reageren daarop met hun antwoorden. Ook al zijn er vele vragen te stellen bij de werkwijze en opzet van dit project, toch denk ik dat we meer op die manier moeten gaan denken en werken. Onze uiteindelijke doelgroep, degenen die uiteindelijk moeten gaan profiteren van alle lessen - de onze maar zeker ook die van henzelf - werken nou eenmaal makkelijker met het gesproken woord (en beelden) dan met (blog/wiki) teksten. Ik denk dan ook dat we moeten gaan bedenken hoe we, o.a. op basis van dit soort ervaringen, dit aspect (beter) in onze plannen voor communicatie en het leren in kunnen bouwen.



WEB2FORDEV conferentie

Gisteravond, zondag de 23ste september ben ik naar Rome gereisd om deel te gaan nemen aan de Web2forDev conferentie.

Tijdens deze conferentie wil ik inzicht krijgen in de laatste ontwikkelingen van web2.0 applicaties en de mogelijkheden voor het gebruik binnen de (vernieuwde) ICCO-Alliantie. Daarnaast lijkt het mij belangrijk kennis te nemen van manieren van gebruik van die applicaties en de wijze waarop die goed geïntroduceerd kunnen worden (inclusief de vorm, inhoud en praktijk van de benodigde trainingen). Ook hoop ik kontakten op te doen, m.n. met mensen die in het Zuiden met deze applicaties bezig zijn om die mogelijk te kunnen betrekken bij de introductie van de “ICCO-flowers” bij Partners, programma’s en de Regional Councils. Ten slotte zal er een Dgroups leden/ExCo vergadering gehouden worden waarin belangrijke beslissingen genomen zullen worden over de het toekomstige beheer van de DGroups. Mijn voornemen is om geïnteresseerden binnen de ICCO-Alliantie op de hoogte te houden over wat ik hier zoal op zal steken. Als jullie vragen of opmerkingen hebben, laat me dat dan weten, ofwel per mail, maar het kan natuurlijk ook door gebruik te maken van de mogelijkheid van “opmerkingen” in de blog.

Groet, vanuit een lekker warm Rome,


Friday, 20 July 2007

Group blogging in a development organization

Christian Kreutz at recently explained how GTZ in Egypt set up a group blog to facilitate communication among staff.

Tuesday, 3 July 2007

Interesting Newsletter PSO

Beste mensen,

Hierbij een link naar de nieuwsbrief van PSO ( ), waarin naast updates over leertrajecten ook een aantal langere artikelen:

- Shifting Power Relations: the long road to local ownership (over programmatisch werken, met o.a. aandacht voor ICCOs ervaring)
- A Theory of Social Change, van Doug Reeler van CDRA (Zuid Afrika)
- .. en meer.

Op dit moment lopen er 16 leertrajecten, varierend van ‘programmatisch werken’ tot ‘civil society, power & participation’. Er zijn al een aantal ICCO collega’s die hieraan deelnemen of deelgenomen hebben, en die enthousiast terugkomen. Aanbevolen!

Met groet,

Monday, 2 July 2007

e-collaboration and the ICCO learning networks: Report from a knowledge sharing session at ICCO, 28 June 2007

On 28 June, some 20 ICCO Alliance staff joined a session to be updated on different learning activities in the Alliance.

The first part of the session shared the results of an e-conference on capacity assessment and development (CAD) that was held in the first quarter of 2007. Joitske Hulsebosch and Simon Koolwijk outlined the objectives, process followed, tools used (dgroups and skype) and lessons learned. The presentation provides more details. Read the full report.

The second part of the session was a presentation by Peter Ballantyne on 'Knowledge Sharing Approaches and Tools for Learning in the ICCO Alliance.' This outlined the status of the project to develop an approach and tools to support learning through more effective information management and exchange. The presentation provides more details.

Do's and don'ts of e-conferencing – based on the CAD experience
  • Combine face-to-face, dgroup, skype and other platforms as tools in involving and stimulating people to learn.

  • Avail a budget and time for a moderator / facilitator who will keep the group active. An e-conference requires committed facilitation.

  • Focus on a specific theme which is a priority to the users. When the theme is important enough, participants are willing to cross different hurdles to get accustomed to e-collaboration.

  • A homogenous group facilitates communication and participation.

  • Start with a smaller learning group or community of practice; 10 - 25 participants is optimal, but design for expansion.

  • Thoroughly prepare the e-conference.

  • Obtain regular feedback from participants to make the technologies and the learning processes work.
  • A Dgroup alone does not always work for e-collaboration

  • Do not develop a learning environment without facilitation

  • Do not overload people with too many mails without helping them to deal with it. (possible solutions are daily digests, online reading (not receiving mails) or separate discussion threads to which people can subscribe)

  • Do not think that one time facilitation or introduction of e-learning tools is enough. It requires a lot of care, facilitation and attention.

  • Don't design a rigid program whereby all participants need to participate in all steps; design for flexibility in participation.

Issues arising from the awareness session

  1. Develop a learning alliance toolkit. When to start and how to start?
  2. Train people in knowledge sharing methods (Wiki, blogs, bookmarking, dgroups, etc).
  3. Tp make e-collaboration work, a mind shift is needed in the Alliance.
  4. What are the structural solutions to become a learning organisation? Does management create conditions/ support communities of practice sufficiently?
  5. How do people learn? Info management is just one aspect. What works for partners? What are partners requirements?
  6. There need to be “private” or closed spaces as well as the open forums.
  7. What level and kind of facilitation is needed to support the learning networks?
  8. The dream is to find a solution to all the meetings?
  9. To be effective, the electronic and web-based tools require clear organisational focuses.
Both presentations are available on the learning support web site (

Download the report.

Thursday, 28 June 2007

Teamwork Soedan

,,Weet je wie vernieuwend bezig zijn? Die jongens en meisjes van Soedan.” Nieuwsgierig geworden van die opmerking, sprak ik met Mark van Dorp, relatiebeheerder Soedan. Want was is er zo nieuw aan hun werkwijze? Om te beginnen, legt Mark uit, werkt hij met een collega in Utrecht en twee in Soedan als één team, dat gezamenlijk alle besluiten neemt. ,,Wat vroeger intercollegiale toetsing was (waarbij je soms letterlijk je naaste collega passeerde), doen we nu als team. En dat bevalt uitstekend.” Daarnaast gaan ze vrij pragmatisch om met in Utrecht bedachte plannen: ,,We trainen niet alleen ngo’s, ook lokale bestuurders. Dat valt buiten het mandaat, maar als je het niet doet, komt er niets van de grond.”
,,Na het sluiten van het vredesakkoord trok de halve ngo-wereld zich terug, met het idee dat de overheid het werk zou overnemen. Dat gebeurde natuurlijk niet. Zuid-Soedan begint een vergeten ramp te worden, nu iedereen zich op Darfur richt. In die context besloten we dat we meer ‘field presence’ moesten hebben en we stuurden Jan Jaap Verboom. Al snel bleek ons doel –een sterk D&V-programma – in Soedan niet erg realistisch. Er bleek behoefte aan basisvoorzieningen. Wij vroegen ons af: waar zijn we mee bezig? We willen kostte wat kost een D&V-programma, we sturen er iemand heen, gaat die basisvoorzieningen zitten doen! We besloten niet in thema’s te denken, maar een overkoepelend programma op te zetten voor iets dat ICCO goed kan: het versterken van de civil society, de opbouw van kennis en local ownership, indienen van aanvragen bij de Europese Unie.”
,,Het innovatieve is dat we niet droog workshops en trainingen geven, maar dat lokale ngo’s meewerken en ín een project vaardigheden opdoen. Dat zie je niet vaak, want dat wordt beschouwd als het vermengen van de rollen van funding en capacity building. Het zijn vaak jonge jongens met leuke ideeën, maar ze missen nog veel vaardigheden zoals het opstellen van een visie en boekhoudkunde. Wij zijn een soort mentor.. Neem onze partner Scope. Zij hebben een vocational training centre voor jongeren, die leren stenen bakken, meubels maken en andere technische vaardigheden. Het is niet gebruikelijk dat ngo’s zélf opleiden, meestal schakelen ze daar weer een ander voor in. Maar Scope haalde binnen een jaar haar eerste eigen financiering binnen, terwijl we ze aanvankelijk te zwak vonden om mee in zee te gaan. Dat we het toch deden en dat het slaagt, daar word ik heel blij van.”

Nog niet duidelijk? Meer weten? Vraag het

What's -in- the name?

Knowledge Centre Democratisation and Peacebuilding kick-off
June 26 2007

It finally happened! After months and months of waiting, thinking, and meeting up now and then, the knowledge centre on Democratisation and Peacebuilding issues will get started. The participating members of the network are Cordaid, IKV/PaxChristi and ICCO/Kerkinactie. That’s just for now, probably more members will join when the knowledge centre will be a bit more settled in our organisations. Because that is what it is all about; the centre should strengthen the work of our organisations, as well as in the Netherlands as in the South. The other function of the centre is to ‘pick up’ interesting topics, circulating in the ‘world’ of D&V. The attending employees of the members of the centre were enthusiastic, although much has to be said yet about the topics the centre will discuss. The list ranges from issues like Counter Terrorism Measures to Identity and Conflict. The next step for the centre is to determine a research list and to develop a website to share information on these issues. But; first of all, we need a name! Any good ideas?

Gender dimensions of post-conflict reconstruction

One of the challenges I face as an advisor on gender and partner policy is how to interweave a gender perspective at various levels in ICCO's programmes: from the conceptual level to the practical implementation level, and within a variety of themes.

A useful report I recently set my eyes on is "The Gender Dimensions of Post-Conflict Reconstruction. The Challenges in Development Aid" (by Marcia E. Greenberg and Elaine Zuckerman). It gave me ideas on how to systematically address gender issues and promote gender equality to make peacebuilding work. I would love to share the document with whoever is interested.

It argues that achieving successful reconstruction and maintaining peace requires attention to gender in the post-conflict arena. The framework proposed consists of three interrelated essential gender dimensions: (i) women-focused activities, (ii) gender-aware programming, and (iii) gender role transformation to heal trauma, build social capital and avoid further violence.

Read the paper.

By Janet Rodenburg

Monday, 25 June 2007

Human Rights and ICCO's Learning Programme

If there is one truth in working on rights-issues, it is that cooperation is indispensable: individual organisations – in the South or the North - cannot realistically hope to achieve much by themselves.

Especially in the field of Economic, Social and Cultural rights (ESC-rights), more and more experience and insight is being gained in the struggle to gain recognition of these rights. Experience shows that information-gathering and analysis of decision-making processes, (both local and international e.g. the machinery of the UN), lobbying at local and international level with the results of this analysis, and defining joint strategies (for example in preparing parallel reports) is sharpening NGO-agenda’s.

All of this requires actively seeking complementarity and extremely agile information-sharing across continents and specific fields of ESC-rights. Good examples of where that can lead is in the broad and empowering process involving many local NGO’s in the preparation of a parallel report, (as in the case of Brazil) and the preparation, under discussion now, of an international database and monitoring system for the Right to Food.

ICCO's active membership in the International Network for Economic, Social & Cultural Rights, and other examples point to the growing influence of multi-partner initiatives to ‘make rights real’ also show that the human rights movement cannot do without effective, flexible tools for communication and joint learning.

We have foud that the use of Dgroups greatly helped participative preparation of nearly 60 human rights activities organised by more than 80 organisations from four continents during the World Social Forum in January of this year: a sub-group of 25 organisations used the same mechanism for organising specific gender-related HR-activities.

More and more, the results of research, among others to understand the implications of judgements by regional Courts of Human Rights and UN-institutions and their mechanism is becoming available. We will also need systems to disseminate and work on the insights gained and translate them into increasing institutional capacities to effectively occupy the space available.

This will be one of the main challenges for the short term in which ICCO needs to combine the efforts of it Capacity-building and Knowledge units, with our programme specialists and related partners in South and North. One example of such an effort going on right now is to define how we will participate in building the monitoring system for the Right to Food.

by Pim Verhallen

Thursday, 21 June 2007

KM4dev workshop 2007

KM4dev is a community of practice about Knowledge Management for Development. It has about 800 members from all over the world, although mainly form the US/Canada and Europe. Since I joined this community somewhere in 2005 I really learnt very much from all discussions and information generated on the list and its wiki .

Creativity in presentations

Once a year the community organises a face to face workshop. In 2006 I participated for the first time and really got thrilled. It is so inspiring to talk and share experiences with peers and work together on developing new insights and learning new ways of working. That was the reason that I joined the ad-hoc organising committee for the 2007 workshop which was held the past days in Zeist, The Netherlands (sponsored by ETC, PSO, IICD, IRC, Hivos and ICCO). Also this time it was a very inspiring meeting in which again I learnt a lot, I met many interesting people and I received an overwhelming quantity of useful information. I am sure all these lessons and wise advices will be useful for our work, and you can be sure I will use them and try to make them accessible to all of you as far as you are interested. But as an overall impression I really got the impression that we are “on the right way” with our CDP within the ICCO-Alliance, and for me that is really motivating.

You can find more information on the workshop on its
blog and on the KM4dev-wiki mentioned above. Although I must admit this wiki is not a very good example because it is not very accessible ;-), plans to improve the wiki have been made though! Therefore here the direct links to two concrete examples of the results on Benchmarking and on Graffic Facilitation.

Monday, 18 June 2007

Feasibility of health insurance schemes in West Africa

This short paper was written by Gerrit de Vries, ICCO programme specialist on Healthcare, as part of a course with the Royal Tropical Institute (May 2007). The paper is quite relevant as ICCO is further developing its work on health insurance via the HIP, Health Insurance Platform, set up in 2006. Other HIP members are: other NGOs, Ministry of Foreign Affairs, insurance companies and knowledge institutes.

The paper – "Feasibility of Health Insurance Schemes in very low income countries: focus on four West-African countries" explores the feasibility of (community) health Insurance in very low income countries.

It is based on a literature review. Studies of four West African countries - Ghana, Burkina Faso, Guinea-Conakry, and Senegal - were gathered to provide evidence related to the topic. Evidence from these four countries was analysed focusing on financial feasibility, enrolment, and administrative capacity.

The conclusion of the paper is that community health insurance is an important way to finance health care and improve access in low-income countries, as well as to provide financial protection. However health insurance, and more specifically community health insurance, will only be feasible provided a few aspects are taken into account:
  • Administrative capacity of the schemes should be improved, e.g. by providing technical assistance or other forms of capacity building.
  • Ownership of the schemes has to be taken seriously.
  • Schemes are developed bottom-up. Small, localised schemes should first be established and working, before trying to scale up to regional or national levels.
  • Measures are implemented to avoid moral hazard and adverse selection. It was shown that such measures, such as co-payments and probation periods, are easy to implement.
  • Measures are taken to enrol even the poorest of the poor. Such measures can include more flexible payment systems, e.g. not paying at once but in several instalments, or (partial) exemptions for the poorest.
Read the report.

The synopsis was prepared by Justine Anschütz to help make ICCO sponsored 'research' more accessible

Baseline study on conflict transformation

This 2007 study by Irma Specht assesses the strengths and weaknesses of ICCO's work on Conflict Transformation in Africa and the Middle East. It provides a baseline for ICCO and its partners to improve their work on country specific Conflict Transformation and to measure its impact at local, provincial, national and international levels.

The purpose of this baseline study, as formulated in the TOR is to:
  1. Provide a systematic and critical overview of ICCO's current efforts and results in the field of Conflict Transformation in Africa and the Middle East. This overview should pay special attention to the efforts and results of faith based organizations.
  2. To make an inventory of the indicators used by ICCO and its partners and to suggest improved indicators for monitoring our future efforts in the field of Conflict Transformation in the period 2007-2010.
The study is based on ICCO country files from Burundi, DRCongo, Uganda, Liberia, Sudan and the Middle East. Two locations, Israel/Palestine and Karamoja in Northeast Uganda were visited for in-depth field research.

Interesting features of the study

Chapter 2 gives an overview of literature on conflict transformation. Chapter 3 gives a list of possible indicators for conflict transformation (output and outcome/impact level). The author has found that impact indicators are often missing in ICCO funded conflict transformation projects.

In Chapter 4 (assessment of ICCO's partners and ICCO-funded activities) the author found that the conflict analyses were often too short and not detailed enough. She recommended that the capacities of ICCO partners to look further and deeper by built up, even if they are addressing a local conflict solving direct causes. Also she recommended that the conflict analyses are more based on a consultative process with partners in the South.

The author states that in some ICCO funded projects there is too much stress on seminars and conferences. Section 4.3 provides a list of possible conflict transformation activities.

The author evaluated the partners she visited in Uganda and Israel/Palestine regarding their work on three levels main leves of Conflict transformation:
  • Behaviour (e.g. violence, destruction, versus peaceful coexistence, dialogue)
  • Attitudes/perceptions (e.g. hatred, mistrust, suspicion versus faith, trust)
  • Structural causes (e.g. inequality, marginalization, corruption versus development, justice and equality for all citizens)
According to the author, ICCO and its partners especially need to reinforce their work on the structural causes. She considered one of the strengths of current approaches to be ICCO's ability to work across religious barriers and to play a role in reconciling people from different religious backgrounds.

The concluding chapter elaborates on the role of religion, gender and youth in conflict transformation. The report ends with recommendations for conflict transformation strategy of ICCO and for organisational restructuring.

Read the report.

The synopsis was prepared by Justine Anschütz to help make ICCO sponsored 'research' more accessible

Saturday, 16 June 2007

Adding value in Kyrgyzstan agriculture

This 2007 report by Eugene Ryazanov for ICCO and Helvetas examines how farmers, processors, and traders in Kyrgyzstan can set up a win-win situation in the fruit and vegetable production and processing sectors.

The booklet aims to analyse added value at different stages of the chain and possible ways of cooperation and business development of all the actors and supporters involved and it can also be used as a reference for market information. The main readers of the booklet are expected to be people involved in development cooperation working with agricultural producers, processors and traders.

The booklet is based on experiences gained in the Local Market Development Project in Kyrgyzstan, funded by ICCO and Helvetas Kyrgyzstan. The first phase of the project lasted from 2005 to 2006, the second phase from 2006 to 2008. The project focuses on 4 'oblasts' (districts), includes 10 value chains and targets 2000 farmers, mainly marginal and disadvantaged groups like resource-poor farmers, ethnic minorities and women.

The booklet contains three chapters. The first chapter analyses added value in eight selected value chains related to crops grown in Kyrgyzstan, namely: early potatoes, late potatoes, wheat, raw fibre cotton, ginned cotton, oil and cake, tomatoes, cucumbers and cabbages.

The second chapter focuses on ways of increasing added value at different stages of the value chain: at farmer, processor and trader level.

The third chapter has some recommendations on effective approaches and possible tools for the development of value chain actors. The provided approaches and tools are those that have actually been used by the Local Market Development Project and its partners for several years in Kyrgyzstan.

Read the report.

The synopsis was prepared by Justine Anschütz to help make ICCO sponsored 'research' more accessible

Friday, 15 June 2007

Microfinance systems in the Philippines

This October 2006 country study of microfinance in the Philippines was conducted by Ma. Piedad S. Geron in the context of MICRONED, an alliance of ICCO, Hivos, CORDAID and Oxfam/Novib around microfinance activities.

The study is structured in the following way: Chapter 1: The Philippines: general overview, geographical, economic growth, population and employment, poverty situation; Chapter 2: The Philippine financial system, types of financial institutions; Chapter 3: The Philippine microfinance sector, about the microfinance policy environment, the demand and supply of microfinance services, donor support to the microfinance sector, priority needs and support gap to the MFIs ; Chapter 4: Meso-level support to microfinance, about the meso level supporters, needs and support gaps at the sector level; Chapter 5: Conclusion and recommendations, regarding three types of support: to clients of microfinance services, to the MFI sector, to networks, associations and federations

Table 3 in Section 3.1 presents some key policy measures on microfinance taken in the Philippines:

In Section 3.2 (Demand and supply of microfinance services) it is stated that demand not always matches supply. Most microfinance service suppliers prefer to provide services to those already engaged in some form of entrepreneurial activity. So many poor do not have access to microfinance. Very few MFIs provide start up funds for clients. Women comprise more than three fourths of the clients of microfinance institutions in the Philippines.

The study gives information on the three major types of institutions involved in microfinance in the Philippines: microfinance NGOs, cooperatives, and banks (rural and thrift banks). It presents their activities, total loan portfolio and number of clients. It also provides some judgement on their maturity and quality of operations. In the Philippines NGOs serve the highest number of clients and have the largest portfolio.

In Section 3.3 (Donor support to the microfinance sector) Official Development Assistance for microfinance is addressed and the portfolio of Dutch institutions in microfinance in the Philippines is presented, including amounts invested by Cordaid, ICCO, OxfamNovib, Rabobank Foundation, FMO, Oikocredit, and DOEN Foundation in 2002-2005.

In Section 3.4 (Priority needs and support gap to the MFIs) the kind of current donor support is summarised and gaps for future support are identified:
  • Assistance in developing new products that meet the changing demands of current and prospective clients;
  • Using technology based systems (e.g. use of cellphone based technology in payments and use of Personal Digital Assistant in recording loan payments) in lending operations;
  • Development of savings products appropriate to the needs of the poor;
  • Provision of insurance and microinsurnace services;
  • Provision of services to accommodate Remittances from Overseas Filipino Workers;
The study also provides a description of various meso level supporters (section 4.1), such as associations of banks engaged in microfinance, federations of cooperatives, and training service providers, involved in promoting best practice, acting as lobby group, providing capability building to their member-institutions. It identifies needs at this meso level as well, for example (section 4.2):

• Improving the credit information system for microfinance clients
• Improving financial literacy among users of microfinance
• Development of a microfinance database and indicator system for monitoring purposes

Read the report.

The synopsis was prepared by Justine Anschütz to help make ICCO sponsored 'research' more accessible

Thursday, 7 June 2007

'Forgotten and marginalized' - Displaced persons in Khartoum

This February 2006 report - 'Forgotten and marginalized' - Displaced persons in Khartoum: One year after the peace agreement' was written by Rik Delhaas for ICCO.

Sudan has experienced the worst population displacement in the world: six million internally displaced persons (IDPs) out of a total population of 37 million people. Two million of the internally displaced persons live in official IDP camps, squatter areas or relocation sites in and outside the capital Khartoum, in northern Sudan. This report explores the situation of these two million IDPs, one year after the government of Sudan and the southern rebel movement SPLM/A signed a Comprehensive Peace Agreement.

The report is based on previous research and some interviews. It is not set up as a research report, in the sense that it does not include a research question or clear information about the methodology used. The last part is more like a pamphlet, urging the Sudanese authorities and international donor community to take certain actions. ICCO has used it for its lobbying efforts. The report provides some interesting figures and illustrations, among others a map of IDP camps in Khartoum State.

The findings in this research suggest that the administration of Khartoum State has not just economic motives for demolishing and relocating the IDP-camps. It also uses relocations as a method of discouraging people from legitimately settling themselves in Khartoum. The government of South-Sudan, in turn, lacks sufficient influence in northern policies and thus cannot interfere. It furthermore has electoral interests in having the southern IDPs returned to their places of origin in the South. Apparently, none of the authorities care for the welfare of IDPs living in and around Khartoum.

As a result of continuing demolitions and relocations to sites far outside Khartoum the situation of these IDPs has deteriorated. In all the camps, sufficient basic services such as health-clinics, water-facilities, latrines and job opportunities are lacking. Many IDPs have lost their jobs, because they cannot afford transport costs to Khartoum. Child malnutrition and mortality are high among the IDPs. Additionally, IDPs are prevented from organizing themselves and from collectively demanding improvement of their situation. In short, circumstances in the camps around Khartoum are dire. Even the IDPs in Darfur are better off, according to Special Representative of Secretary-General Jan Pronk.

Read the report.

The synopsis was prepared by Justine Anschütz to help make ICCO sponsored 'research' more accessible

Tuesday, 5 June 2007

Performance and impact monitoring support to local market partners in Ethiopia

This 2006 report by Ben Haagsma is from a mission of IC/Consult to Ethiopia to assist two organisations -SHDI and NGO Cereal Banks Consortium- to improve their monitoring systems and their baseline studies.

SHDI provides capacity building of agricultural cooperatives and unions, while the NGO Cereal Banks Consortium helps farmers to set up cereal banks. Both organisations focus on promoting access to markets for small producers.

The report is structured in 7 chapters: Chapter 1 introduced the background and objectives of the mission; Chapter 2 clarifies terminology, monitoring for proving and improving, formal and informal monitoring; Chapter 3 provides the outcomes of a joint workshop; Chapter 4 gives detailed information on the systems of the Cereals Bank Consortium; Chapter 5 outlines monitoring systems of SHDI; Chapter 6 contains reflection and discussion; while Chapter 7 outlines some next steps.

In Chapter 2 the author presents some perceived differences between monitoring to 'prove' something (accountability) and to 'improve' something (learning). For example a survey can both provide average values, e.g. average amount of potatoes produced per year, and extreme values, the range from the lowest to the highest amount. The author argues that the average is most interesting for proving/accountability, while the extreme values are more interesting for improving/learning.

The report contains some interesting feedback on the content of questionnaires (sections 4.3 and 5.4) and on sample sizes for surveys (section 3.8).

Section 6.3 provide some interesting insights on the importance of participation in monitoring, both of target groups and within NGOs themselves.

Read the report.

The synopsis was prepared by Justine Anschütz to help make ICCO sponsored 'research' more accessible

Saturday, 2 June 2007

Transforming youth gangs into civil society organisations in Central America

Sarah Dobbe of CIDIN recently wrote a paper on "Transforming Youth Gangs. The Possibilities of Transforming Youth Gangs into Civil Society Organisations" (November 2005).

The main research question she asks is: "How can youth gangs in Central America be transformed into civil society organisations, and what lessons can ICCO learn from this analysis?" The report answers this question through answering the following sub-questions:
  • What are the processes behind the formation of youth gangs and the occurrence of gang violence?
  • What are civil society organisations?
  • How do youth gangs differ from civil society organisations?
  • How can these differences between youth gangs and civil society organisations be reduced?
  • What recommendations can be made to ICCO with regard to transforming youth gangs into civil society organisations?
The study is structured around 4 chapters: Chapter 1: Introduction, research questions, methodology; Chapter 2: Fiction meets Reality (perceptions of youth gangs); Chapter 3: How to continue (transformation of youth gangs into CSO's); Chapter 4: Recommendations.

Section 2.2 analyses some of the important processes behind the formation of youth gangs and the occurrence of gang violence. Section 2.3 describes how youth gangs are perceived with regard to violence, and what implications this has on gangs, youth and gang violence. The popular views on youth gangs and gang violence are contested by describing alternative ways to look upon gangs. It is also described where these popular perceptions originate from.

Chapter 3 looks at how youth gangs differ from civil society organisations (CSO's) and how these differences can be reduced. The most important existing intervention strategies are analysed in the light of reducing these differences, and their potential in facilitating the transformation of youth gangs into CSO's. Section 3.3 suggests what is needed to make the transformation happen; the author also provides some recommendations to ICCO.

Read the report.

The synopsis was prepared by Justine Anschütz to help make ICCO sponsored 'research' more accessible

Monday, 28 May 2007

Peer review of Peer assist?

Op donderdag 24 mei bespraken we de nota: .. van Ria van Hoewijk van I/C-consult. Hier kwamen de volgende do’s and don’ts uit naar voren

Peer review

Peer-review als een instrument voor intercollegiale toetsing en accountability, dit instrument wordt gebruikt in de academische wereld (toetsing van wetenschappelijke artikelen) en visitatie-commissies (beoordeling van collega-instituten) meestal gericht op het handhaven van kwaliteit en standaarden.

Peer assist

Is een instrument voor collegiaal advies, meer gericht op het leren.

De persoon of organisatie dient ‘eigenaar’ en ‘vrager’ te zijn zonder een verplichtend element.

De peer-assist moet direct aansluiten bij de leerbehoefte van de vrager, deze bij voorkeur zal zelf de ToR of vraag moeten formuleren.

Betreft het een breder proces waarin verschillende organisaties mee doen, is de vraag of dit niet een te verplichtend karakter heeft en of deelnemers echt willen leren.

De peer-assist wordt uitgevoerd door collega’s die bij voorkeur vanuit een zelfde positie of thematiek werken, en dus ook voor dezelfde uitdagingen staan.

Voorkom dat verschillende elementen – leren, evalueren en beoordeling – niet door elkaar lopen en spreek van te voren af waar het accent op ligt; is het om te leren dan kunnen er niet achteraf consequenties voor de partner aan vast zitten. Is het om te evalueren welke waarde wordt dan aan de peer-assist resultaten toegekend, etc.

Maak het proces niet te zwaar, en laat de ruimte om het proces zijn eigen dynamiek te behouden en bespreek van te voren goed wat de scope van de ‘peer-assist’ is.

Let op dat je als donor er niet een te groot aandeel in hebt (ook al financier je het traject) en spreek bijv. af dat je inzicht hebt in de follow-up agenda, maar niet in de concrete adviezen. Als ‘kritiek’ of adviezen op papier worden gezet krijgen ze vaak hun eigen dynamiek, die soms door anderen binnen de organisatie minder worden gewaardeerd.

Maak een duidelijk onderscheid tussen uitwisseling, exchange visits (meer vrijblijvend) en een peer-assist of peer-review traject (minder vrijblijvend, vooraf resultaten benoemen).

Bedenk bij het gebruik van het instrument ‘peer-review’ dat culturele verschillen kunnen meespelen. Niet in elk setting is het gebruikelijk dat kritiek wordt uitgesproken, laat staan op papier wordt gezet.

Een self-assesment van de vragende organisatie is vaak een zinnig onderdeel van het proces

Ook binnen ICCO zouden we het instrument ‘peer-assist’ meer kunnen gebruiken, bv bij de ontwikkeling van programmatisch werken, waarbij collega’s feedback kunnen vragen.

geschreven door Erica Wortel

Monday, 21 May 2007

Roles and tasks within the programmatic approach

On 9 May, we organized a workshop on Capacity Development Programme in the Alliance: “Roles and Tasks within the Programmatic Approach”, with participation of different stakeholders within the Alliance.

It was an inspiring day in which the objectives; to introduce and to further develop the capacity development programme – were taken a step forward. Despite the complexity of the programme and because of the involvement of different actors, levels and organizations within the Alliance, we felt that the discussions helped to make concrete proposals how to define the short and longer term agenda.

Time and tools for learning and reflecting, how to anchor ‘learning’ in the organizational processes so it will not be seen as an ‘extra burden’, a climate were you can learn from failures, how to share and exchange experiences? These are only some of the challenges we discussed the learning agenda.

Read the full report.

Monday, 16 April 2007

The 22 March Learning Facilitators Retreat

Thirteen of us gathered at the old saw mill 'de Ster' to explore how the Alliance's learning networks are doing. The plan was to get a better sense of where the various networks are - and what's needed to move forward in 2007.

Read the full report

Also read the posting on the Retreat by Maarten Boers; and the comment by Jora.

posting by peter ballantyne

Thursday, 12 April 2007

Characteristics and indicators of a learning organization

Dear all,

As I mentioned before, with the post doc network we have tried to identify characteristics of a learning network, as well as indicators to 'measure' the extent to which your organisation is learning. This list of indicators is just a first step but it might be useful to take a look, and it might inspire us to design tools for learning. It's in dutch, should not be a problem for most of us should it?

greetings Jora

Kenmerken / cultuur van een lerende organisatie met indicatoren.

1. Heldere missie
- Kan 95% van de werknemers in 1 zin de kern van de missie weergeven?
- Kan 80% van de betrokkenen bij de organisatie (stakeholders) de missie in 3 kernwoorden weergeven?

2. Lerende benadering in de strategie van de organisatie
- In hoeverre is leren in de strategie en het beleid van de organisatie opgenomen?
- Wat is de frequentie van de reflectie op leren in de strategie?
- In hoeverre is de strategie gericht op de buitenwereld?

3. Participatieve beleids- en besluitvorming
- Wat is de frequentie waarop beleids- en programmamedewerkers samenkomen?
- In welke mate weten we in dit bedrijf wie onze stakeholders zijn?
- In hoeverre zie je de participatie terug in besluitvorming en –uitvoering?

[4. Cultuur]
Cultuur is een dusdanig overkoepelend aspect dat het lastig is hier specifieke indicatoren voor te ontwikkelen. Wellicht is het beter om het in de titel van dit document mee te nemen.

5. Rol van leiders
- In hoeverre geven de leiders ruimte voor kennisvergaring en kennisdelen?
- Hoeveel tijd besteden leiders aan leren en aan het delen van informatie met ander personeel?
- Hoe vaak biedt de leider mogelijkheid tot leren en reflectie?

6. Faciliterende structuur
- Hoe vaak zijn er reflectiemomenten per jaar?
- In hoeverre zijn er dwarsverbanden aanwezig door de organisatie heen?
- Komt innovatie uit de structuur van de organisatie of ook buiten de structuur om?

7. Diversiteit
- Hoe is de Noord- Zuid- verhouding onder de medewerkers?
- Hoe liggen de leeftijdsverhoudingen binnen de teams?

8. Mobiliteit
- Is de werkelijke doorstroomsnelheid van personeel gedeeld door de normale doorstroomsnelheid gelijk aan 1?
- Hoeveel interne vacatures zijn er in de organisatie?

9. Scannen van de context
- In hoeverre maakt het analyseren van de context specifiek deel uit van iemands taakomschrijving?
- In hoeverre maakt de organisatie deel uit van fora of denktanks?
- Bestaat er een format voor terugkoppeling van externe workshops die door medewerkers zijn bezocht?

10. Flexibele beloning
- In hoeverre wordt innovatie beloond?
- In hoeverre worden mensen vrijgesteld om aan activiteiten buiten de organisatie om deel te nemen (bijvoorbeeld tijd voor het schrijven van een publicatie)
- Wat is het aantal promoties binnen de organisatie?

11. De koppeling van de financiën aan de inhoud
- Wordt de koppeling gemaakt in de taakomschrijving van financieel- of programmamedewerkers?
- In hoeverre zitten financieel medewerkers en programma medewerkers in één team?
- In hoeverre vindt er overleg plaats tussen financieel medewerkers en programma medewerkers?
- In hoeverre zitten financieel medewerkers en programma medewerkers bij elkaar op een kamer?

12. Interne uitwisseling
- Vindt er interactieve kennisoverdracht plaats tussen verschillende afdelingen op maandelijkse basis?
- Worden er kennisstages op andere afdelingen verzorgd?

13. Informatie als ondersteuning
- Worden best practices op organisatieniveau gedeeld?
- Zijn er informele lunchlezingen of bijeenkomsten over dienstreizen?

14. Fysieke ruimte
- Wat is het aantal koffiecorners per werknemer?
- Wat is het aantal informele ruimtes per m2 in het gebouw?
- Wat is de ervaren tevredenheid over de informele settings in de organisatie?

15. Ruimte voor persoonlijke ontwikkeling
- Hoeveel uren krijgen medewerkers vrijgesteld voor het volgen van workshops of trainingen?
- Zijn er middelen voor coaching en opleidingsbudgetten?
- Zijn opleidingsbudgetten persoonsgebonden of centraal geregeld?

16. Inter-organisatie leren
- Hoeveel innovaties van ‘concullega’s’ zijn overgenomen?
- Bij hoeveel collega’s zit in het taken pakket dat ze moeten opletten waar de concurrentie mee bezig is?

Vote for Dgroups

Vote for my Project on NetSquared

Dgroups needs some innovation. We have an opportunity if the project presented to NetSquared gets enough votes. So please click the button an vote for Dgroups (and other interesting proposals).

Tuesday, 10 April 2007

Eschborn Dialogue 2007

The main theme of this year’s Eschborn Dialogue, organised by GTZ 28-29 June 2007, is:
Capacity Development – empowering partners, promoting potentials.

For more information visit:

The closing date for subscription is May 21, 2007.

Monday, 26 March 2007

Workshop Learning facilitators march 2007

On Thursday March 22, we had the first meeting of the ICCO-Alliance Learning Facilitators and some other people involved in the Capacity Development Programme (CDP). It was quite an intensive and sure interesting day. After a short introduction about the state of the art of the programme we talked about the already ongoing activities in the field of learning. It appeared that it was so much that we needed much more time than foreseen. By itself very good, because it means we have already have lots to go further on. Anyhow there was much to tell each other and to discuss as for example differences in approaches and ways of working. So, much work will have to be done to get us all working in a coherent IA-learning system (by which I do not mean necessarily everything along one model!).

This all meant the programme had to be changed. It was good in the way things went, but it was a pity that we had to skip the theoretical/conceptual presentation and telling a little bit about the available tools for learning networks. But OK, next time we will concentrate on those two parts and make good use of the detected needs during this meeting.

For myself I have some difficulties to give a final opinion about the day. I hoped we would get a little further on the practical aspects, but on the other hand it was very good to get to know more about the thoughts, activities and ideas of colleagues. And one of the lessons for me was that I should have included at least some words about the concept of learning and capacity building which are used as the basis for the programme design. By not doing so, the “state of the art” was not sufficiently clear because there was no (common) “reference”. But anyhow we know now much better how to proceed.

Of course I am also very curious to know what thoughts you, the other participants in the workshop, have about that day. So I think it really would be very good if you would spent some time to write down your ideas (not necessarily in English) and post them on this blog.

By the way, the day before I was in a workshop about learning organised by Euforic and Wotro. There it became clear all organisations are looking hard on how to foster learning within their organisations and with and among their partners. So we surely are not the only ones wondering around in this “learning field”. It also became very clear that the research institutes (departments) of e.g. Wotro and DGIS are also looking for collaboration with other types of organisations, for example like ours. So I think that is something we should be working on too (as soon as the researcher of the CDP has taken her place).

Monday, 19 March 2007

Gabbly Chat

Net een eerste ervaring achter de rug met Gabbly Chat. Alweer een nieuwe "tool" van Google. In dit geval was het erg handig om te overleggen over deze ICKo-Blog met Peter en Pier (van Euforic). Het ging over de opzet, lay-out en inhoud. Handig ook omdat je de site zelf op de achtergrond had. Nou is chatten een beetje vreemde manier van communiceren, maar het werkt wel als je even kort iets met een paar mensen wilt "be-chatten" (bespreken). Met meer dan twee personen kun je dan tegelijkertijd communiceren zonder een aprte vergadering (met bijv. Skype) op te zetten.


Here I am "blogging", although playing with the idea I never thought I would actually do such a thing. It seems so exhibitionistic ;-o. But ok, I have been convinced of its usefulness especially for our ICCO-Alliance Learning Network. Let me tell you how come and wherefore this "Blog" has been started.

Thursday March 15th was a really nice and inspiring day. I was in Maastricht talking with the Euforic team about to plan the implementation of the Support programme for ICCO Knowledge and Learning Networks. We talked about all kind of issues like the mapping of what already is being done, what tools we could use, how to get some coherence within the various activities, preparation of workshops etc. I think we really got some good plans and a promising start.

And of course there was one element of the programme we just had to talk about: the knowledge sharing among all involved in the ICCO-Alliance Capacity Development Programme and especially the Learning Facilitators. If the LF's don't share their experiences and ideas how can we ask it from our colleagues within the Alliance and our partners? So that is how we came to the idea to start this blog.

The idea is that all of us, especially the LF's regularly write some short stories bout what they have been doing and learning. It could be about anything as long as it has to do with our "learning". An anecdote, a bright idea which came up during a meeting, a "golden nugget" you saw while visiting a partner, or just an announcement.

Everybody who wants can subscribe to the Blog and get the postings in their email box. But if preferred one can also just now and then have a look at it (

OK, friends I hope this tool will help to keep us updated on our activities and especially on our learning's, so please do not hesitate to contribute!